Het bewustzijn van mensen.

Door de diepe val in Adam zijn mensen doodgevallen. Ze zijn niet ziek geworden. Nee, er is van nature helemaal niets goeds van hen te verwachten. Het ergste is dat ze dit niet zien. Hun ogen zijn gesloten. Door het verlossingsplan van God is de Heilige Geest op de aarde. Deze Heilige Geest waait als een wind. Hij zorgt voor wonderen. Gods kinderen weten van deze Heilige Geest in hun leven. Zij mogen door deze derde Persoon in het Goddelijk Wezen vruchten dragen. Zij mogen een middel worden in Gods hand om mensen te onderwijzen in de weg ter zaligheid. Dit werk wordt vaak niet in dank afgenomen door mensen die Gods Geest niet kennen in hun leven. Maar toch mag hier en daar gemerkt worden dat er mannen en vrouwen, jongens en meisjes zijn die uitkijken naar het wonder van genade door Gods Geest. Zij bemerken dat mensen op hun weg worden gezet om hen te onderwijzen in de leer die is naar de Godzaligheid. Met open oren luisteren ze naar datgene wat hen wordt aangereikt. Zeker wetend dat dit het antwoord is op hun roepen. Of, dat dit iets is wat hen een ander leven kan geven. Hierbij kan aan een erge zonde worden ontdekt.

Het is zo belangrijk te weten dat het bewustzijn van mensen verduisterd is. Dat men niet weet wat men doet. Wat men aanricht. Wat men zegt. Het gaat, zonder het ontdekkend werk van Gods Geest door. Anders, ook na de eerste genade die is uitgestort komen Gods kinderen erachter hoe gemakkelijk ze dwaalwegen inslaan. Niet wetend dat het dwaalwegen zijn. Men is in het eigen hoogmoedig bestaan er zo van overtuigd Gods wil te doen. Gods weg te gaan. Totdat. Elk mens die door Gods Geest wordt aangeraakt gaat momenten beleven waarop het bewustzijn opengaat. Een moment waarop hij of zij zich ziet door de ogen van God. In wanhoop ligt zo iemand neer. Menend een goede weg te gaan. En toch op weg te zijn naar een eeuwig verderf. Menend vruchten van genade te hebben die voldoende waren. En toch te kort. Want, immers, de Christus is in Zijn opstandingskracht in het leven niet te zien. Dit zal alleen kunnen in een weg van zelfkennis. In een weg van zien wie je bent voor een heilig en rechtvaardig God. Nee, het is niet de bedoeling je te verschuilen achter Simson of David. Geen kind van God mag in zonde leven. Kan in zonde sterven. Er moet een rechte verhouding zijn van dag tot dag met de Heere God. En dit gaan altijd in een weg van zelfonderzoek. Van zelfkennis. Van ontdekkend licht door Gods Geest. Wat er van nature niet is.

De vinger kan wel eens op de zere plek worden gelegd. Ja, de vinger kan wel eens daar gelegd worden door iemand die we zo hartelijk liefhebben. Waar er een zich afvragen komt of het wel liefde is zo te worden terechtgewezen. Weet dat degene die met alle ernst deze daad in het leven van iemand mag verrichten, als het goed is, ook op de gevolgen zal letten. Nooit zal datgene wat in liefde is gedaan die ander loslaten in het verdere van de weg. Vastlopen op een wijze als hierboven beschreven is noodzakelijk en profijtelijk. Zeker zal de één in een zwaardere zonde zijn gevallen dan de ander. Maar in eigen oog is iedere zonde even erg. Want er is gezondigd tegen een goeddoend God. En Deze kan met de zonde geen gemeenschap hebben. Met geen kleine misstap. Maar er is vergeving. In het proces van bewustwording van zonden kan twijfel en angsten de mogelijkheid van een vernieuwde verhouding van God in de weg staan. Doch de Heere geeft ook dan mensen op de weg die met liefde wijzen op de Heere Jezus Die zegt: Al waren uw zonden nog zo veel, Ik werp ze weg in een zee van eeuwige vergetelheid.