Die ander…..

Het begon in het Paradijs. Die vrouw die Gij mij hebt gegeven. Nee, Adam zocht niet de schuld bij zichzelf. Hij legde hem direct maar bij de ander neer. Het is een les die we ons allen ter harte moeten nemen. De schuld neerleggen bij de ander. In welke situatie je bent. Wat je is overkomen. Het ligt aan die ander. Het is een gegeven waaronder waarschijnlijk niemand onderuit kan komen. Die ander. Daar ligt de schuld.

Wanneer we op die plek blijven staan, er zal nooit en te nimmer iets veranderen. De situatie zal blijven zo hij is. Wrok zal in het hart wonen. Vergevingsgezindheid is ver te zoeken. Hardheid neemt plaats. En niet zelden is de verharding een feit. Met allerlei zaken zoekt men zich te rechtvaardigen in dit standpunt. Maar of de Heere hierover vrede en uiteindelijk Zijn zegen geeft is de vraag. Doch met deze vraag houdt men zich niet bezig. Kortom, men komt niet verder dan zichzelf te rechtvaardigen om het gedrag van die ander.

Totdat…

Wanneer de Heere in het leven komt gaat er iets veranderen. Dat zal iedereen beamen. Wat vroeger kon gaat niet meer. Waar men vroeger was is men niet meer. Er zal van de één op de andere dag een verandering plaatsvinden in het leven van alle dag. Doch daar blijft het niet bij. Er wordt geleerd dat men nooit is uitgeleerd. En vroeg of laat komen de lessen over de schuld die men de ander heeft toegedacht en geschreven aan de orde. Dit kan een hele lange leerschool zijn. Het heeft te maken met inzichten die veranderen. En dit doordat men zelf is veranderd. En nog steeds verandert. Gods Heilige Geest verandert mensen. Een leven lang. Voor de één is dit een meer cruciale weg dan voor de ander. Doch geen mens kan zeggen dat hij voor zijn bekering was die hij nu is. Geen christen kan zeggen dat hij drie maanden terug dezelfde was als nu. Er treedt een louteringsproces op wat het gehele leven aangaat. Niet alleen het doen en laten maar ook het gehele denken. En in dat denken wordt ook het denken over een ander meegenomen. Vroeg of laat is dat wat is wedervaren niet meer de schuld van die ander. De oorzaak lag bij jezelf. Jij, in je onbekeerde staat. In je ongeloof. In je blindheid.

Dat zijn nu dingen om over na te denken. Om schuld over te belijden. Om tot jezelf in te keren. Dan kom je erachter dat je aan jezelf genoeg hebt. Voor nu en voor altijd. Het is de Heere toelaten in je leven. Om van en door Hem geholpen te worden voor de tijd die nog komt. Om je door Hem te laten dienen in de moeiten en in het verdriet wat je deel is of wordt. Met daarin de zekerheid van het weten dat de Heere geen ding bij geval ons doet overkomen. In alles heeft Hij ten diepste het behoud van mensen op het oog. Jouw behoud. Jouw loutering. Met daarin Zijn eer.

Die ander is de schuld van jouw ongenoegen. Van jouw leven in wrok en wrevel. Van jouw situatie waarin jij je bevindt. Van jouw standpunt. Doch wanneer je je los mag weten van die ander en mag vertrouwen op de Heere, alles zal veranderen. En wanneer alles verandert, dan verandert ook jouw gedachte over die ander. Die ander, die het middel was om jou te brengen op de plaats waar de Heere je wilde hebben. Aan Zijn voeten. Om je door Hem te laten dienen en regeren.

Wat je vroeger moest ervaren zal niet veranderen. Om je heen staan mensen. Misschien dezelfde mensen. Met allen hun karakter en hun doen en laten. Een karakter wat mogelijk zeer botst met het jouwe. Doch wanneer je met hen om hebt te gaan zal dit zeker een zaak zijn waarin je de Heere steeds weer nodig zult hebben. Wanneer de Heere aan jouw kant staat zal je geen leed genaken. Hij zal er voor je zijn in de meest moeilijke omstandigheden. In situaties gelijk aan die uit het verleden. Met echter een geheel andere uitkomst.

De loutering van het leven van Gods kinderen in de weg van de heiligmaking zal deel uitmaken van je zaligheid. Zonder die heiligmaking is er, kort gezegd, helemaal geen zaligheid. Wie als een lichtend licht en een zoutend zout zijn weg mag gaan in dit leven zal moeten weten van dit wonder van genade. Te weten dat Zijn bloed door jouw aderen stroomt. In een weg van enten. Afgesneden van die oude mens Adam. Die altijd maar de schuld bij de ander zocht. En nu ingelijfd in Christus. Om door dat Bloed niet alleen vergeving van zonden maar ook een nieuw leven ontvangen te hebben. Een leven wat is getekend door voortaan eerst te kijken naar jezelf. Voor je de schuld bij de ander legt.