Ik had gelijk!!

Het is heel wonderlijk hoe het in het leven gaat om het halen van het gelijk. Men wil daarmee zeggen dat men het goed heeft gezien. In dat gelijk ligt dan, meent men, de winst. In situaties waarin meningen tegen elkaar zijn verdeeld wordt gezocht naar het gelijk. Hierin kunnen de grootste spanningen oplopen. Zelfs tussen de beste vrienden. De grootste breuken ontstaan. Het is heel wonderlijk dat men het gelijk wat men meent te hebben zoekt te versterken. Hier en daar wordt aanhang gezocht en gevonden. De partijen staan uiteindelijk als kemphanen tegenover elkaar. Besluiten worden genomen. Gehandhaafd. En allemaal hebben ze hun gelijk.

Tot de bom barst. En daar zit dan iedereen met zijn gelijk. Waarbij ik me dan afvraag wie zich prettig voelt. Ligt in het gelijk dan de winst? Nee, in het gelijk ligt het verlies. Alleen, dat ziet men aanvankelijk niet. Hoe ga je dan om met je vermeende gelijk. Het is niet genoeg als de bom barst. Het is niet genoeg wanneer men zijn zogenaamde gelijk heeft gekregen. Men wil nog verder. Want in het gelijk vraagt men automatisch om het bekennen van het ongelijk van de ander. Niet eerder is men tevreden dan wanneer men als overwinnaar uit de strijd komt. Je hoeft niet ver te zoeken, overal zie je het.  Men is uit op de capitulatie van de ander. Bovenaan staat het gelijk van zichzelf. Dat moet, koste wat kost, zegevieren.

In de wereld van het gelijk lopen de eenzame mensen. De verliezers. Ze hebben altijd ongelijk. Ze hebben het altijd gedaan. Iedereen is tegen hen. Ze deugen niet. Ze liegen. Ze bedriegen. Ze draaien alles om. Ze zijn niet recht. Kortom, ze zijn slecht. Zo slecht. Eigenlijk tellen ze niet mee. Ze gaan hun eenzame weg. Ze kunnen zich niet bij de mensen van het gelijk voegen. Ze willen er ook niet bijhoren. Ze hoeven geen gelijk.

Want tussen al die mensen met hun gelijk lopen zij met hun schuld. Het tekort wat ze steeds weer in moeten leven. Zo goed bedoeld. Gemeend gelijk te hebben. Gedacht op de goede weg te zijn. Maar veroordeeld. Veroordeeld door mensen. Maar ook veroordeeld door zichzelf. Te kort, te kort………….het was alles te kort.

De grote massa zoekt zijn gelijk. Over en weer wordt overlegd hoe met dat gelijk nu verder moet worden gehandeld. Opnieuw worden standpunten ingenomen. Waarbij men zoekt naar nog groter gelijk. Men had het immers goed gezien. 

Boven die menigte is het alziend oog van de Heere Zelf. Hij ziet al die mensen met hun gelijk. En Hij weent. In het Paradijs was de zonde van de hoogmoed. Van het zoeken naar het gelijk. In dat gelijk lag direct de val van de gehele mensheid. De hele wereld verdoemelijk voor God. Maar Hij zond Zijn Zoon. Niet om Zijn gelijk te halen. Nee, Hij gaf Zich over. Om mensen die door het zoeken van hun gelijk gevallen waren. Ze weer op te richten. Opnieuw aan te nemen. Doch aan dat aannemen gaat een wonder vooraf. Dat is het wonder van het capituleren. Dan ligt de schuld niet bij de ander. Dan komt de vinger naar jezelf. Ik heb gezondigd. In een weg van schuld valt alle gelijk weg. Het is een vallen voor het recht. En in dat recht van God mogen alle mensen hun gelijk houden.

Daar gaan de mensen met hun gelijk. Ze weten het zo goed. Doorgaan. Tot Gods Geest hen wat anders leert: In het verlies ligt de winst. .