En het was Kerst.

De kerk is uit. De dienst is afgelopen. De zoveelste. De gemeente gaat naar huis. En ze zijn het er met elkaar over eens. De dominee heeft het zo mooi gezegd. Het was geweldig. Een prachtige preek. En helemaal uit het hoofd. Zo’n gave heeft deze man. Dat hoor je nergens.

Tussen het kerkvolk loopt hier en daar iemand alleen. Het hoofd naar beneden. Het oor gespitst. Vragen rijzen op in het hart. Wat heeft de dominee dan zo mooi gezegd? Wat was zo geweldig? Wat was zo bijzonder? Doch: spreek datgene wat in het hart leeft niet uit. Want tegen die mensenmassa ben je toch niet opgewassen.

De beoordeling van de preek. Van preken. Het zoveelste smeuïge verhaal. Over die lieve Heere Jezus. Die arme Zoon van God. Geboren in een stal. Aardige herders. Een bijzondere Simeon en Anna. De tranen lopen opnieuw over wangen. Men is er nog zo bewogen van. Nee, dat hoor je nergens, zo’n preek.

Inderdaad. Men heeft gelijk. Dat hoor je nergens. Dat lees je nergens. Dat staat nergens. En, om kort te gaan, het heeft met Kerstfeest niets te maken. Vreselijk. Dat is hard. Maar het is waar. Nogmaals, al die aardig gesproken woorden. Al die verhalen, zo opgesmukt, het is het Kerstfeest niet.

Jezus is gekomen. Geboren in een beestenstal. Hij is arm geworden. Waarvoor? Voor de rijkdom van de wereld. Daarom die geboorte. Zoals Hij eenmaal in de kribbe neer werd gelegd, zo zal Hij ook eenmaal in het hart geboren moeten worden. Nee, niet in het hart van Simeon. Dat is al gebeurd. Niet in het hart van Anna. Ook dat was toen. Maar, tenzij ik niet wordt wedergeboren, ik zal het Koninkrijk van God niet zien.

Geboren. Hij is geboren. En verder? De geboorte los van de rest? Los van Goede Vrijdag? Los van het kruis? Los van Pasen, Hemelvaart of Pinksteren? Dat kan toch niet? Kerst op 25 of 26 december? Och kom! Elke dag mag de herinnering aan alle heilsfeiten er zijn. Elke dag leeft Christus in het hart van Gods kinderen. Gods Geest verlaat hen niet met Zijn heerlijke genade. Hij leidt van uur tot uur. Leert verstaan wat het Kerstfeest waarlijk wil zeggen.

Kerstfeest. Geboren in een stal. God naar mensen gekomen in Zijn Zoon. Om die in Hem geloven het beeld van God te geven. God naar mensen. God ziet om naar mensen. God zoekt het verlorene op. En wij? Wat werkte die opzoekende liefde van God uit?

Kerstfeest 2007 is voorbij. Waar waren de mensen die zo genoten van al die preken? Wat was de vrucht in hun leven met de dagen die Kerst worden genoemd? Waar leefden zij voor? Voor zichzelf?

Daar zit een oude moeder. Een weduwe. Ondergebracht in een verpleeghuis. Haar wereld lijkt een droom. Alles is zo vaag geworden. Af en toe vallen de vermoeide ogen dicht. Wakker geworden kijkt ze voor de zoveelste keer naar de deur. Zal deze opengaan? Zal één van de kinderen haar bezoeken vandaag?

Geen tijd. Ze moeten immers naar de kerk. Ze zorgen voor het eten. En moeder, zij is goed verzorgd.