Geen God Die het moet.

De Heere is vrij hoe Hij mensen tot Zich bekeert. Hoe Hij mensen tot Zich trekt. Hij is ook vrij wie Hij verkiest. Je komt het nogal eens tegen dat mensen dit bepalen. Dat zij veroordelen of oordelen.  Dat zij mensen de zaligheid gunnen. Dat zij het zo mogelijk mensen onthouden. Dat zij anderen de maat nemen.

Doch de Heere is aan geen mens gebonden. Hij gaat Zijn weg in het leven van de mensheid. Door de eeuwen heen. En hier en daar raakt Hij iemand aan. Die door Hem gevangen wordt genomen is verloren voor de wereld. Zal voortaan wandelen in Zijn wegen en zich van niets en niemand meer iets aantrekken. Althans, op die leerschool is hij gezet. Op de leerschool van Gods Heilige Geest. Om meer en meer grond onder de voeten te krijgen wat betreft het geloof en het vertrouwen in de Heere. Het Woord spreekt over het niet meer als door de wind heen en weder gedreven te worden met allerlei wind van leer. Want dat dit zaak is in het leven is een gegeven.

Velen zeggen: hier is het. Wij vertellen u de weg. Hoe de Heere het doet. Hoe Hij mensen tot Zich trekt. Daarbij afgaand op een eigen bevindelijk leven. Dit legt echter voor velen die hierin geloven de voerbak veel te hoor. De schapen van de Goede Herder kunnen er niet bij. Ze raken in vertwijfeling. Komen in het donker. Of, anders, keren de leer waarin ze zich bevinden de rug toe. Want als het zo is, in hun beleving, dan hoeft het voor hen niet meer.

De Heere is echter geen God Die het moet. Geen God Die mensen verandert en tot geloof brengt op die wijze. Op een manier zoals wordt geopperd door deze of gene. Elk mens is verschillend. Elk mens heeft een andere opvoeding. Een ander karakter. Een andere weg te gaan. Daarboven staat de Heere. En Hij heeft voor elk Die Hij in Zijn Koninkrijk verkiest een weg uitgedacht. Hij is dus geen God Die het moet. Geen God Die gehoorzaam is aan mensen. Hoe goedbedoeld mogelijk ook. Hij staat boven mensen. Zijn gedachten zijn niet als de gedachten van mensen. Hij is niet gebonden aan wat mensen denken of zeggen of willen. Hij is het levende Woord. En zoals het Woord spreekt. Zo is  Hij. Wat Hij spreekt dat is er. Zo gaat Hij velen voorbij en slaat Zijn oog op die niemand wil en waar niemand iets van verwacht. Heilig zijn o God Uw wegen en niemand spreekt Uw hoogheid tegen. Althans, zo zou het moeten zijn.

De Heere gaat Zijn onbegrepen weg. Hij is geen God Die het moet. Hij is een God Die het doet. Het Woord spreekt duidelijke taal. Zo wordt Mozes ontdekt aan zijn driftige aard en moet in de woestijn eerst een man van weinig woorden worden. Saulus is onderwezen aan de voeten van zijn leermeester. Maar wordt op een bijzondere wijze geconfronteerd met het Licht van de wereld. Zijn opvoeding en zijn karakter dragen bij aan de verbreiding van het Evangelie van vrije genade.

De Heere verkiest mensen. Verlost ze van het hoogste kwaad en brengt ze tot het hoogste goed. Niemand kan daar iets aan toevoegen of er iets aan afdoen. Hij is geen God Die iets moet. Hij is een God Die het doet. Toen, nu en voortaan. Het werk wat Hij doet is het zalig maken van zondaren. Om ze te doen leven tot Zijn eer. Om ze eenmaal de zaligheid bij Hem te doen genieten. En dat alles in een rechte weg. Sterven aan de zonde. Opstaan in een nieuw leven. Wandelen achter Hem aan. De weg van het leren geloven en vertrouwen. De weg van het sterven aan eigen gedachten. De weg van het luisteren naar dat wat de Heere alleen te zeggen heeft.

Groot is de trouw van de Heere. Niets en niemand staat Hem in de weg. Altijd weet Hij wegen te vinden om tot Zijn doel te komen. En elke weg is de weg van het wonder. Daarom zullen al Zijn kinderen zeggen: Waarom was dat op mij gemunt. Daar zovelen gaan verloren, die Gij geen ontferming gunt.

Twijfelen aan een ander is dom. En wie twijfelt in de praktijk van het leven aan een ander? Die bang is zelf iets te moeten kwijtraken. Genade leert anders. Wat de Heere deed aan mij, de onwaardigste van alle mensen, zou dat voor een ander niet mogelijk zijn? De gunning is dan ook het eerste wat gemerkt wordt bij hen die de Heere kennen. Doch in die gunning voor anderen valt al direct de scheiding met hen die hard en meedogenloos bepalen dat God het moet. In de weg en op de wijze zo zij het zeggen.