Drijven op de wateren van vrije genade.

Er is niets zo mooi dan te mogen drijven op de wateren van vrije genade. Deze gaan door alles heen. Tegen alles in. Maar hebben een bijzonder resultaat. Van het begin tot het eind van het leven van Gods kinderen is daar die onweerstaanbare kracht van de Heilige Geest. Deze zorgt voor het leren vertrouwen op die wateren van vrije genade. Zeker is het iets wat niet in één dag wordt geleerd. Aanvankelijk zal ervaren worden dat de wateren tot de enkels zijn. Vervolgens tot de knieën. Maar ze komen zeker hoger. En daar is niets wat het hoger komen van die wateren tegenhoudt. Een karakter van een mens kan dit tegenwerken. Omstandigheden kunnen obstakels zijn. Maar uiteindelijk zal het werk van Gods Heilige Geest gepaard aan het Woord de wonderen werken van het zich overgeven in deze wateren van vrije genade. Steeds hoger komt het water. Tot er uiteindelijk niets anders overblijft dan je te laten drijven op het water. Het heeft geen zin tegen die stroom in te gaan. Al blijf je over als een eenling, er zal uiteindelijk geen andere keuze zijn.

Het wonderlijke van deze genade is dat er uiteindelijk zoveel vreugde in ligt. Zoveel blijdschap. Zoveel rust. Altijd zal er een zekere spanning blijven. Want het blijft een volgen. Nooit is men vandaag zeker hoe de stroom morgen zal zijn. Maar het vasthouden aan de beloftes van het Woord doet toch drijven. Om degenen die zich aan deze stroom toevertrouwen zwemmen degenen die er  niets van begrijpen. Ze willen niets te maken hebben met dit in hun ogen onverantwoordelijk gedrag. Ze weten niet dat door deze houding het steeds moeilijker wordt je alsnog te bedenken. De keuze wordt immers alsmaar groter. Een keuze waar je zelf meer en meer tussen komt te staan.

Degenen die wel drijven op deze wateren van vrije genade stralen iets uit wat op anderen invloed heeft. Als het ware worden er meegezogen in de stroom. Ze hebben het zelf niet zo in de gaten, maar degenen die geen vreemde zijn van genade zien het gebeuren. Mensen veranderen door genade. Er vond een volkomen staatsverandering plaats. Maar met deze omkeer is er ook een omkeer in het gehele bestaan van mensen. Door het loslaten van zichzelf en het laten drijven komt een ontspannen overkomen. Ze leren steeds meer los te laten. Daardoor zien ze losgelaten te worden. In vrijheid gaan ze de weg die hen gewezen wordt. Ze houden daarbij voor ogen dat niets wat op hun weg komt hen te zwaar of te moeilijk is wanneer ze zich laten gaan in die wateren van vrije genade. Dit door het geloof in de beloftes die de Heere in Zijn Woord geeft. Wereldvreemd? Apart? Bang? Welnee! Dat zouden geen vruchten van genade zijn. Fier en rechtop gaan ze de weg die gewezen wordt. Als het ware in de stroom worden ze meegenomen. Door niets en niemand weerhouden. Altijd op hun plek? O nee. Zodra ze denken niet te zullen verdrinken wordt de schreeuw van Petrus vaak weer gehoord. Heere, help ik verga. Maar even zoveel keren zullen ze beschaamd het hoofd buigen. Vanwege het ongeloof wat ze toch weer aan de dag hebben gelegd.